Vive L’amour

Vive L’amour

‘Een van de aangrijpendste films over vervreemding, eenzaamheid en het verlies van wortels, ooit gemaakt’ NRC (★★★★★)

In het kader van het landelijk retrospectief van de Taiwanese grootmeester Tsai Ming-liang is Vive L’amour, die in 1994 ‘De Gouden Leeuw’ van Filmfestival Venetië won, in een nieuwe digitaal gerestaureerde bioscoopversie uitgebracht. Het is de meest ultieme film over hunkering naar liefde in de grote stad sinds de films uit de jaren ’60 van die andere grootmeester: Antonioni.

Taipei, de miljoenenhoofdstad van Taiwan, vormt het decor van de film. Er wordt van alles afgebroken en wolkenkrabbers schieten als paddenstoelen uit de grond. Maar tegen welke prijs?

May, een vrouw van rond de dertig, is makelaar in Taipei. Ze probeert leegstaande woningen te slijten aan potentiële kopers en huurders. In een van de appartementen treft ze soms Ah-jong, die ze op straat heeft opgepikt, voor een vluchtige vrijpartij. Ah-jong is straatverkoper van illegale merkartikelen. Hsiao-kang, een zeer verlegen vertegenwoordiger van urnen, heeft de sleutel van datzelfde appartement bemachtigd. De drie levens van deze ‘lost souls’ raken verweven in het lege luxe appartement. Ze delen met elkaar dat ze alle drie heel eenzaam zijn. Maar de gevoelens die ze bij die eenzaamheid hebben zijn heel verschillend.

Vive L'amour

Gesproken wordt er niet veel in Vive L’amour. Veelzeggende en ontroerende details zijn er des te meer. Tsai is een briljant observator die de verbeelding van de kijker alle ruimte geeft. In de beroemde slotscène komt alles samen.